PDF PDF Print

Verslag Willibrorddag 2012

De eersten gasten melden zich al om half 10, maar rond 10 uur zijn er ongeveer 25 bezoekers voor de jaarlijkse Willibrorddag binnen in de vernieuwde tuinzaal van de Goudse OK parochie. Het ziet er allemaal prachtig, ruim en licht uit. Alleen de tuin…. Daar moet nog het nodige aan gebeuren. Maar daar zal zeker het komende voorjaar aan gewerkt gaan worden.


Het is – als gebruikelijk weer een plezierig weerzien of eerste kennismaking met de vrienden van de werkgroep van St. Willibrord. Ze komen weer overal vandaan: ze komen van oost en west, van zuid en noord, door St. Willibrord aangespoord.


Geen bijeenkomt zonder koffie en thee en daarbij – hoe kan het anders- de echte Goudse stroopwafel. Na het welkomstwoord en een korte bezichtiging van de kerk en toelichting daarbij van Rina, gaat het gezelschap naar de kerk voor de Eucharistie. Voorganger is onze pastoor Henk Schoon en Mark Lippe bespeelt het orgel.
Het goed en mooi verzorgde liturgieboekje voorkomt gezoek en geblader in kerk- en gezangboeken, en zorgt voor een goede voortgang van deze ingetogen viering.


Terug in de tuinzaal kijkt de werkgroep terug op het afgelopen jaar en voorzichtig vooruit.
Voorafgaande aan het jaaroverzicht wordt pastoor Schoon verblijd met een uitvergroote foto van Port Royal des Champs. Foto en vergroting zijn gemaakt door Rina Homan.
Gerard Schoonderbeek leest het jaaroverzicht over het jaar 2012 van de werkgroep St. Willibrord:


Activiteiten
5 november 2011 was de vorige Willibrorddag en waren we gast in ons eigen Oud Katholiek Seminarie en de Orthodoxe Kapel van Cornelius de Honderdman. In de middag was er een lezing, verzorgd door Ward Cortvriendt over genade, vrije wil en predestinatie bij Augustinus. Een boeiende en druk bezochte dag.
Daarna begon er voor de werkgroep een intensief jaar. Want het idee om een reis/pelgrimage te organiseren naar Port Royal begint op een achternamiddag, maar vergt – ongezien en ongemerkt- heel veel tijd en energie.
Allereerst moet er nagedacht worden over: wanneer gaan we, wie kan er als deskundige reisbegeleiding gevraagd worden en dan offertes aanvragen bij de busonderneming. Een folder om mogelijke deelnemers te werven. De aanmeldingen lopen gelukkig goed, doch een enkeling moet er vanwege persoonlijke omstandigheden vanaf zien.
We zullen gaan op 2e Pinksterdag en geen 5 maar 4 dagen om de kosten te drukken.
Mgr. Dr. Dirk-Jan Schoon en zijn echtgenote Mevrouw Drs. Lidwien van Buuren zijn bereid als goed ingevoerden de reis te begeleiden. Europa- speciaalreizen zorgt voor bus en chauffeur en heeft de contacten met het hotel en de restaurants. En tot op het laatst zijn de telefoon en de mail gebruikt om de laatste informaties bij de juiste persoon te laten arriveren. Ook contacten om Port Royal de Paris, Port Royal des Champs (het binnen en buitenmuseum) en Prisches moesten worden geactiveerd.
Ruim 30 deelnemers kunnen terugzien op een geslaagde pelgrimage. Op onze website staan wat korte reacties van een aantal deelnemers. Tussen haakjes u kijkt toch wel regelmatig op onze website.
Als opmaat naar de reis organiseerde de werkgroep een tweetal lezingen:
- in december 2011 een lezing over de relaties van onze kerk met Port-Royal onder de titel: "Vrij en gebonden." Over de katholieken in de Republiek en de beweging rond Port-Royal." Deze werd gehouden in Amsterdam en gegeven door de Bisschop van Haarlem Mgr. Dr. Schoon.
-de tweede lezing werd gegeven in april te Vleuten door Mevrouw Drs. van Buuren over de schilder Philippe de Champaigne en zijn spannende relatie met enerzijds het Franse hof (Richelieu, Lodewijk XIII en vooral XIV) en het groeiende absolutisme en anderzijds Port-Royal.
Daarnaast verzorgde de werkgroep de uitgave van een mooi boekje van de hand van Bisschop Schoon over de geschiedenis van Port Royal.
Dit boekje was in zeer korte tijd uitverkocht en ook nu is er nog steeds vraag naar en dus heeft de werkgroep wederom een aantal van dit boekje laten drukken.
Dit boekje is vandaag hier in Gouda te koop.


Verdere activiteiten:
Vorig jaar december verstuurde de werkgroep een kerstgroet naar de haar bekende adressen. En met Pasen dit jaar een Paaswens. En als het allemaal volgens planning is verlopen, heeft Johannes de Doper u zijn Advent en Kerstgroet bezorgd.
Op de site van de werkgroep proberen wij u – met de onvolprezen hulp van David Ross, onze webmaster- te informeren over activiteiten en daar vindt u af en toe ook een link naar een spirituele bron of iets wat wij onder uw aandacht willen brengen.


Financiën:
De financiën van de werkgroep zijn dit jaar gecontroleerd door mevrouw Hanssen en mevrouw Visser en akkoord bevonden. Dit jaar kan worden afgesloten met een positief resultaat van een dergelijk € 800. Kascontrole is niet gemakkelijk omdat de vrienden van de werkgroep erg verspreid over het land wonen. Om de transparantie te garanderen studeert de werkgroep op een andere mogelijkheid, bv controle door het Bisschoppelijk Buro of anderen.
De werkgroep heeft het voornemen om het komende jaar 2013 geen bijdrage van de vrienden van de werkgroep te vragen. De reden daarvoor is het royale kastegoed en omdat zij er naar streeft haar activiteiten zoveel mogelijk kostendekkend te maken.


Toekomst en plannen
Uiteraard zal ook in het komende jaar een of meerdere activiteiten worden ontplooid. Doch de invulling daarvan is mede afhankelijk van het kunnen contracteren van personen die een dagdeel willen invullen en van ruimten waar een groep ontvangen kan worden.
In ieder geval willen wij de jaarlijkse Willibrord dag zoveel mogelijk rondom de feestdag van St. Willibrord houden. Dit jaar is het helaas –zoals u heeft begrepen- niet gelukt, maar volgend jaar moet het weer lukken.

Naar aanleiding van het verslag:
Geen financiële controle door Bisschoppelijk Buro of Thesaurie. We zijn een zelfstandige werkgroep en geen Bisschoppelijke Commissie.
De werkgroep zegt toe dit mee te nemen in hun studie naar een andere mogelijkheid van financiële controle.
De aanwezigen stellen voor om ook volgend jaar een bijdrage van de vrienden van de werkgroep te vragen en het bedrag eventueel te bestemmen voor een doel wat aansluit bij de bedoelingen van de werkgroep.
In overleg met de bezoekers wordt de volgende Willibrorddag bepaald op 9 november 2013.
Een van de aanwezige gasten ( Eveline Jansen ) zegt dat haar huis eventueel beschikbaar is voor een bijeenkomst van de werkgroep . Uiteraard met een bezoekerslimiet.

Een paar vrijwilligers hebben ’s-morgens de lunch voorbereid en er is meer dan voldoende beschikbaar om de inwendige mens te versterken. Pastor Schoon leest een tekst voor over de aanvaarding van de maagdelijke( niet-huwelijkse) staat van een klopje uit Enkhuizen.

Middagprogramma

Het middagprogramma kondigt aan een Lezing over “klopjes” verzorgd door Drs. Marieke Abels.
Kloppen of geestelijk maagden waren Noord-Nederlandse katholieke vrouwen, die een religieus leven in de wereld leidden. De vrouwen stonden onder bescherming van een priester en werden door hem begeleid in het dagelijkse en spirituele leven.
Aan de basis van het kloppenleven liggen de diverse anti-katholieke maatregelen die de gereformeerd-gezinde overheden in de Noordelijke Nederlanden vanaf 1573 namen. Openbare misvieringen werden verboden en kloosters werden gesloten, waardoor het voor vrouwen met een religieuze roeping niet meer mogelijk was om een leven als non te leiden. Het kloppenleven ontstond na 1581 toen er in de gereformeerde Nederlanden de Generaliteitslanden een algeheel verbod op kloosterorden werd ingevoerd. Het kloppenleven vormde voor deze vrouwen een aantrekkelijk alternatief en werd binnen korte tijd dan ook uitermate populair en was een echt Nederlands fenomeen. Toen het gedurende de negentiende eeuw weer mogelijk werd om kloosters te stichten, stierf het kloppenleven dan ook weer langzaam uit.
In de geschiedschrijving is er helaas weinig aandacht besteed aan deze speciale groep vrouwen. Bovendien hebben historici een nogal eenzijdig beeld over deze katholieke maagden geschetst. Kloppen zijn doorgaans als zedige, afhankelijke, in het zwart geklede en uiterst gehoorzame vrouwen geportretteerd.
Er zijn verschillende verklaringen geweest voor de herkomst van de naam klopje. Eén van de verklaringen was dat de klopjes langs de deuren van gelovigen gingen en hen met klopsignalen uitnodigden tot het bijwonen van de mis. Een andere verklaring luidt dat het een verwijzing zou zijn naar de maagdelijke staat. Beide verklaringen beschouwen historici over het algemeen als onjuist. Een andere en meer waarschijnlijke verklaring -op basis van devotieprenten- luidt, dat Christus op de deur van het hart van deze vrouwen klopte, waarna zij de deur van hun hart voor Hem opende.
Hoewel het kloppenleven religieus geïnspireerd kon zijn, waren er ook andere elementen die bijdroegen aan de keuze voor een maagdelijk bestaan. De vrouwen leefden en werkten niet zoals nonnen in een vroegere kloostergemeenschap, maar stonden midden in de maatschappij - ze woonden in kleine groepen bijeen, zelfstandig of thuis bij hun familie. Dit zorgde ervoor dat de kloppen carrière konden maken in de samenleving. Veel vrouwen werkten in het onderwijs, voor de kerk, in de ziekenzorg, als turfsteekster of als huishoudster. Voor arme maagden bood het kloppenleven bovendien de nodige zekerheid; ze ontvingen steun van zowel kerk als medekloppen. Rijkere maagden konden ook een studie financieren en leerden bijvoorbeeld Latijn. Tot slot waren de maagden ook gevrijwaard van de gevaren van het kraambed; dit kon een bestaan als klop ook aantrekkelijk maken.
Er leefden kloppen in de gehele Nederlanden. Een bekende kloppengemeenschap was Den Hoeck in Haarlem, daar woonden verschillende maagden in een kloosterachtige gemeenschap bijeen. Gouda kende zeer diverse geestelijk maagden, hier woonden de vrouwen echter verspreid door de stad. Haarlem en Gouda telden de gehele zeventiende eeuw constant zo'n 300 maagden. Klopjes leken voor buitenstaanders veel op begijnen, maar waren absoluut verschillend. De begijnen vonden hun oorsprong in de middeleeuwen en waren zelfstandige leken die een religieus geïnspireerd leven leidden naast de kloosters. Klopjes daarentegen waren meer met de kerk verbonden en vulden de tekorten in de geloofsgemeenschap op die waren ontstaan door het na de Reformatie verbieden van kloosters. Veel priesters schakelden de hulp van kloppen in bij de opbouw van hun staties of parochies.
Klopjes brachten daarnaast geld in voor de kerk. Zij schonken soms kostbare voorwerpen of maakten kerkelijke gewaden voor de statie of parochie. In 1733 trad Klara Venroy in. Als telg uit een vermogende Goudse familie schonk zij bij die gelegenheid aan de statie een zilveren lavabobekken met schenkkan met als inscriptie Klara Maria Theresia Venroy, 25 maart 1733. Deze schaal is nog altijd aanwezig in onze Goudse kerk evenals twee zilveren engeltjes met wierookvaatjes op de communiebank. De rijksten schonken aanzienlijke legaten aan de kerk. Overigens beschikten de meeste klopjes niet over eigen inkomsten en moesten dus werkzaamheden verrichten om aan geld te komen.
Een priester of pater kon als biechtvader verschillende maagden onder zijn hoede hebben. De vrouwen zouden volgens de regelgeving intensief in hun religieuze en dagelijkse leven moeten worden begeleid. Een dergelijke begeleiding was wellicht niet altijd mogelijk, sommige biechtvaders hadden namelijk de verantwoordelijkheid over meer dan vijftig maagden. De kloppenboeken met regels schrijven een zeer sober en zedig leven voor. De vrouwen zouden in het zwart gekleed moeten gaan, zuinig moeten leven en veel moeten bidden, werken en vasten. Dit lijkt echter vooral een ideaal te zijn geweest. Er waren namelijk ook maagden die veel geld hadden en voor een luxe leven kozen; ze lieten zich bijvoorbeeld portretteren in dure kleding. Doordat deze rijke maagden financieel
veel betekenden voor de onderdrukte Katholieke Kerk is het waarschijnlijk dat biechtvaders hen veel ruimte gaven.
Hoewel veel klopjes belangeloos hun werk deden, kwamen er ook misstanden voor, waaronder bedilzucht, jaloezie en schijnheiligheid, en daarenboven soms ál te vertrouwelijke relaties met geestelijken. Marieke noemde een voorbeeld van een geestelijke, die een verhouding met een klopje kreeg en niet veel later is getrouwd in Utrecht.
Dit alles werd uiteraard uitvergroot door de tegenstanders van de klopjes, die men zowel bij de Reformatie vond als bij parochiegeestelijken die een te grote invloed van de klopjes vreesden. Dit leidde ertoe dat, zeker nadat omstreeks 1930 de laatste kloppen waren overleden, slechts de negatieve connotatie in de gemeenschappelijke herinnering is achtergebleven.


Echter en gelukkig heeft Marieke Abels voor deze middag een ander beeld van “het klopje” geschetst. Haar verhaal werd ondersteund en verduidelijkt met mooi fotomateriaal en zelfs met originele documenten. Haar lezing steunde op haar onderzoek naar het zeventiende-eeuwse kloppenleven in twee Hollandse steden: Gouda en Haarlem. In haar doctoraalscriptie “Tussen sloer en heilige.” Beeld en zelfbeeld van Goudse en Haarlemse kloppen in de zeventiende eeuw, komt zij tot de conclusie dat het vrouwelijke geestelijk leven in de wereld veel zelfstandigheid en keuzevrijheid bood. Daarbij zijn er diverse kloppen geweest, die als zelfbewuste en betekenisvolle vrouwen voor de contrareformatie kunnen worden omschreven. Marieke Abels heeft het Goudse en Haarlemse kloppenleven zowel vanuit historisch als kunsthistorisch perspectief benaderd, waardoor er een verrassende kijk op de rol van deze bijzondere vrouwen in de kerk is ontstaan.
Zo stilletjes als ze waren gekomen, verdwenen de klopjes in de loop van de geschiedenis langzaam maar zeker weer uit beeld. Hun specifieke inbreng in kerk en maatschappij was niet meer nodig of werd overgenomen door anderen.
Aansluitend was er ruimte om vragen te stellen, en samen te discussiëren over wat klopjes , hun inzet en hun spiritualiteit ons vandaag nog wat te zeggen heeft.


Pastor Henk Schoon deelt om het gesprek op gang te brengen een aantal stellingen uit.

  • Onze maatschappij met zijn bezuinigingen op zorg en verminderde aandacht voor de vrijwilliger kan niet zonder een hedendaagse vorm van klopjes.
  • Gezien dat veel mensen in Nederland zeggen gelovig te zijn zonder kerk, is een nieuwe vorm van klopje worden nodig: een vorm waarin je kunt blijk geven dat je hart klopt voor de Heer.
  • Voor mij is klopje-zijn ....
  • Dat klopjes verdwenen viel samen met een grotere godsdienstvrijheid.
  • Dat zijn we kwijtgeraakt behalve de voortdurende druk op de katholieke identiteit tijdens en na de Reformatie?
  • Klopjes zijn ontstaan na de opheffing van kloosters in 1572. Waar kloosterlingen hun professie. hun plechtige belofte afleggen na hun noviciaat wat gezien kan worden als hun definitieve intrede, was in de tijd na de Reformatie de plechtige aanvaarding van de niet-huwelijkse staat in de gelovige gemeenschap het begin van het leven als klopje.
  • Missen wij niet een moment in de kerk datje laat zien datje het moment van ja-zeggen tegen de dienst van de Heer laat samenvallen met een andere levenswijze?
  • De vrouwelijke priesters in onze kerk maken een nieuwe vorm van klopjes overbodig.

Er volgt een interessante discussie en uitwisseling van ideeën.

In de tuinkamer sluiten we de dag af met een lied en een gebed en nemen we afscheid van elkaar.

Overasselt, 01-12-2012
Gerard Schoonderbeek.

Werkgroep St. Willibrord | Techniek: Sync. Creatieve Producties

Webmaster: -